Remy Bonjasky denkt nog altijd precies te weten wat er in 2008 gebeurde. In de podcast Grenzeloos Gebabbel legt de tweevoudig K-1-kampioen uit waarom
Badr Hari hem volgens hem natrapte terwijl hij op de grond lag. Niet uit frustratie. Uit berekening.
"Badr verliest liever door diskwalificatie dan dat hij eerlijk verliest van mij", zegt Bonjasky. "Want de eerste keer had hij al van mij verloren."
★
Voor vaste lezers
Mis geen nieuws meer van Puna.nl
Open Google en kies Puna.nl als voorkeursbron.
Open Google ›
Aanbevolen Video
Scroll om verder te lezen.
Hij zegt dat hij tijdens het gevecht al zag wat er aankwam. "Ik stond voor in punten. Ik wist dat Badr last van zijn scheenbeen had, of van zijn dijbeen. Ik wist het." Toen Hari zijn been vastpakte en beiden vielen, had hij zijn conclusie al klaar: "Ik wist gewoon: hij heeft pijn aan zijn been. Hij gaat niet lang overleven."
"Hadden we deze discussie nooit gehad"
De zwaarste kritiek richt Bonjasky niet op Hari, maar op de arbitrage. "Daar heeft Kakuda, de scheidsrechter, de grootste fout gemaakt. Daar had hij meteen rood moeten doen. Hadden we deze discussie nooit gehad."
Wat volgens hem meespeelde in de woede die volgde: het geld. De winnaar van de World Grand Prix ging er met vier ton vandoor. "Die 400 ton, die 400 ruggen", zegt Bonjasky over wat er op het spel stond.
En Hari zelf? Die reageerde op zijn eigen manier. "Toen heeft hij die hele kleedkamer kapot geslagen."
Honderd fans vlogen naar Japan en werden boos op hun eigen held
De nasleep raakte Bonjasky jarenlang. "Elke Marokkaan die mij tegenkwam in die tijd, die spuugde op me en was boos op me. Ze hebben: mijn grote held Badr heb ik genaaid."
Tegelijk waren er Marokkaanse fans die juist woedend werden op Hari. Volgens Bonjasky waren honderd van hen naar Japan gevlogen voor die finale, met eigen geld voor vliegtickets en hotel. "Zelfs die waren boos op Badr. Want ze wilden de finale, dat was een droomfinale."
Het derde gevecht komt er niet, en dat weet hij zelf ook
Over een trilogie is Bonjasky opvallend nuchter. Eerst de zelfrelativering: "Hoe ouder ik word, hoe minder kans ik maak om van hem te winnen. Zo simpel is het." En dan het bedrag: "Ik zeg alleen: als er twee miljoen ligt, dan gaan we knokken."
Het gevecht kwam eerder al bijna rond. Hari daagde hem toen uit op televisie, Bonjasky accepteerde via social media, maar een contract volgde nooit. Wel kwam er via
Glory een bod. "Toen kwam er een lullig 75.000,- eruit", zegt hij. "Ik zei: nee, ik vecht op andere condities. Als ik ga vechten, moet dat bedrag er staan, win of loss." Geen basisbedrag met pay-per-view erbovenop.
Zijn eigen inschatting is somber. "Die wedstrijd zal nooit komen", zegt hij, en hij legt uit waarom: er moet een partij zijn die het betaalt, en die heeft twee publieksgroepen nodig. Hari heeft er volgens Bonjasky maar één van. De harde kickboksfans komen wel, de mainstream niet.